CIV slavinken
Vorige keer deed Robin heel hard haar best om vooral niet wanhopig over te komen.
‘Laat hem praten,’ zegt Francis. ‘Vraag wat hij van je vindt en dan kop jij hem in.’
‘Zet je pluspunten op een rijtje in je hoofd. Weet wat je waard bent. Als jij dat weet, dan kan je dat aan hem overbrengen,’ adviseert Mees terwijl ze de ober wenkt.
‘Zie het als een salarisonderhandeling. Als ik het bijvoorbeeld niet meer eens ben met mijn salaris dan storm ik bij de baas naar binnen, dan vertel ik hem haarfijn wat ik waard ben, wat ik gepresteerd heb de laatste tijd en of hij lekker kan slapen in de wetenschap dat ik al maanden achter elkaar op slavinken leef,’ zegt Mees.
‘Ja, maar het gaat hier om liefde. Niet om slavinken,’ sputter ik tegen.
‘Daar gaat het wel om. Je moet het alleen omdraaien. Jij wilt hem hebben. Stormt bij hem naar binnen …’
‘Ja dat kan dus niet, hij zit in Kaapstad remember?’
‘Luister: je stormt bij hem binnen. Over de telefoon of over de chat. Je vertelt hem haarfijn wat je waard bent, wat hij gaat missen als hij je laat lopen en of hij lekker kan slapen in de wetenschap dat je straks aan de slavinken zit met een ander als hij niet opschiet.’
‘Nee zo zou ik het niet doen hoor,’ zegt Francis. ‘Veel te direct.’
‘Veel te direct? Ze is verdomme al jaren gek op die gozer maar ze heeft het nog niet een keer echt laten merken. Daar wordt het nu eens tijd voor.’
Het inwinnen van advies bij vriendinnen begon dus in de kroeg met de vraag: ‘Ik wil hem. Hoe ga ik hem krijgen?’
En gesterkt door hun advies, met de slavinken spreekwoordelijk in de aanslag, open ik de volgende ochtend de aanval via de chat. Ik heb er de hele nacht niet van kunnen slapen. Zes keer gerepeteerd. Al mijn leuke punten onder elkaar gezet.
En puntje bij paaltje durf ik er niet eens over te beginnen en hebben we het over het weer.
‘Hoe ging het?’ vraagt Mees de volgende dag als we aan de koffie zitten.
‘Ja klote,’ zeg ik.
‘Je lip trilt,’ zegt ze.
‘Helemaal niet,’ en ik begin te janken. Niet van verdriet. Maar van frustratie. Ik wil helemaal niet janken. En juist als je het niet wilt, dan blijven de tranen stromen. Als een lekkende kraan die je tegen beter weten in, dichtpropt met wc-papier.
Ik jank omdat ik baal van mezelf. Omdat ik iets wil, maar het niet kan overbrengen. Daarin schiet ik tekort. Ik weet het dondersgoed. Het onbevredigde gevoel vreet me op van binnen en doet mijn strot en maag aanvoelen alsof ik al dagen niet heb gegeten.
‘Ik wou dat ik het kon zoals jij het kan. Zeker van je zaak,’ snotter ik. ‘Iemand voor het blok zetten. Het heft in handen nemen. Maar het lukte gewoon niet. Ik was veel te lief. Te afwachtend. Niet fel genoeg. Ik durfde het gewoon niet. Ik ben bang dat hij nee zegt, of me een vervelend zeikerig wijf vindt.’
‘Robin, je bent nog niet zover. Je wilt niet alles of niets. Je wilt hem. Hoe dan ook. Je geniet nog teveel van die aandacht. Van de gezelligheid. De knop is nog niet om in je hoofd. Dat geeft helemaal niet. Je moet er alleen niet ongelukkig van worden. Er komt een dag dat je er geen genoegen meer mee neemt. En dan komt het goed. Of niet. En dan ga je lekker verder met je leventje zonder hem. Met mij. Gaan we gezellig samen in het bejaardentehuis.’
‘Ja’, zeg ik. Maar ik meen het niet. Ik wil niet met Mees in het bejaardenhuis. Althans, ik moet er nog even niet aan denken.
‘Ik heb jouw slavinken er zelfs in gegooid,’ beken ik.
‘En ook toen lukte het niet?’
‘Nee,’ lach ik door mijn tranen heen. ‘Die lagen in de pan gisteravond na de kroeg. Je bracht me op een idee en het leek me leuk ze als mascotte te gebruiken. Maar het heeft allemaal niet mogen baten.’
‘Nou, zie dat als een voordeel. Je hebt in ieder geval geen kater.’























Reacties
Sjonge, je kunt toch zo goed schrijven? Wat is dan het probleem? Dat je graag slachtoffer speelt ofzo? Schrijf de man een column en klaar is Robin.
ik sluit me volledig bij de vorige spreker aan!
Forget him honey and GET A LIFE!