Valse bingo

Danielle Bakker blogt voor LINDA. MEIDEN.

“Hey, met Alex. Je nieuwe buurman,” klinkt een diepe stem aan de andere kant van de lijn. Daarna vraagt hij iets over een sleutel van de voordeur ofzo, maar dat hoor ik al niet meer.

Hmmm…
Ik zit in de trein, met mijn voeten op mijn weekendtas en mijn slaap tegen het koude raam. Mijn oor loopt langzaam vol met de zachtste v’s en d’s die ik ooit heb gehoord. Zijn r knabbelt aan mijn oorlel en een z zoemt na in mijn hoofd. Ik hoor de intonatie aan het einde van zijn zin een stukje omhoog gaan. Dat was vast een vraag. “Hmm” brom ik, terwijl ik mijn blik opricht naar de lucht die in de verte oranje begint te kleuren.

Tachtig jaar in de puberteit
Een nieuwe buurman. Eindelijk. Zoals ik in mijn eerste blog al vertelde woon ik in een bejaardentehuis. Mijn gang wordt geterroriseerd door een oversekste opa bij wie de puberteit al een jaar of tachtig voortduurt. Zijn dunne grijze haren staan rechtovereind, het puntje van zijn tong wriemelt tussen zijn lippen en de achterkant van zijn hemd is ingestopt in een grote witte onderbroek die boven zijn bruine ribbroek uitsteekt.

Bingo met het licht uit
Als ik piepende wieltjes en sloffende schoentjes in aantocht hoor, kan ik wachten op een vunzige opmerking. “Wat was dat gisteravond, met die vreemde kerel over de vloer? Jullie hebben zeker zitten bingoën. Met het licht uit. Onder de dekens. Ik weet precies hoe dat gaat bij jullie jongelui! Ehèhè!”

Een ouwe viespeuk naast je is soms vermakelijk, maar de jongeman die ik nu aan de telefoon heb klinkt nog net iets vermakelijker. “Hallo? Daniëlle? Ben je er nog..?” Ik zucht. “Ja, ik ben er nog.”

Stoppelbaardje
Inmiddels is het koude glas tegen mijn gezicht veranderd in een warme stoppelwang. Hij heeft namelijk een stoppelbaardje, Alex. Weet ik zeker. En hij heeft groene ogen en bruine krullen. Hij is lang, draagt een wit overhemd en ruikt naar bananenschil. O nee, dat is het prullenbakje. “Dus dan zie ik je vanavond?” Ik krijg het warm. “Ja leuk, tot vanavond.”

Tik tik tik
Met mijn ring klop ik drie keer op de houten deur naast de mijne. Ik plaats mijn elleboog nonchalant tegen de deurpost. Ik hoor gestommel en wrijf mijn vers gestifte lippen over elkaar.

“Hey, hai. Jij bent vast de buurvrouw. Alex.” Hij schudt mijn uitgestoken hand, plaatst zijn vuist in zijn zij en knikt zijn heup. Achter hem nog meer gestommel. “En dit is mijn vriend Joeri, waar ik je over vertelde aan de telefoon.” O ja. Hij haalt een hand door zijn geblondeerde lok. “Hè, gezellig. Meid, kom binnen.”

Valse bingo.

LINDA. MEIDEN ligt nu in de winkel.

Wil jij meer Danielle?
Ze heeft haar eigen blog: daniellebakker.wordpress.com

Bezoekers lazen ook: