maa19/092011

robin

LIX geen weg meer terug

Vorige keer werd Robin er door Sophie van overtuigd om tegen de Amerikaan te zeggen wat ze voor hem voelt.

De muziek staat hard bij de strandtent. Ik prik van het bordje dat de Amerikaan net bij de barbecue heeft gehaald. We delen. Ik heb van de zenuwen geen trek. Hoe kun je ook slikken met een brandend brok in je keel?
Vanochtend zijn we vroeg opgestaan voor een roadtripje in eigen land. Hij reed, in mijn auto. Ik zat onderuit gezakt met blote voeten op het dashboard. In Bergen zijn we gestopt. Spontaan. Bij de Libelle- en Vlinderdag. Daar liepen we dan, grinnikend tussen de vlinders en poppen, op de zondagmiddagbesteding van gezinnetjes en boswachters in spe. Het was alsof we in een uitzending van het educatieve programma Nieuws uit de Natuur waren beland.
Het hele weekend was leuk. Heerlijk. Gezellig. Spannend. Maar niet zonder zorgen. Zijn vertrek morgen en mijn aanstaande bekentenis hingen al die tijd als het zwaard van Damocles boven mijn hoofd.
Ik houd het mezelf steeds voor: dit is iets leuks. Je gaat hem vertellen hoe verliefd je op hem bent. Dat is goed nieuws. Doe eens blij. Maar ik ben zo zenuwachtig voor de manier waarop hij gaat reageren, dat ik de blijdschap van mijn eigen boodschap over het hoofd zie.
Of weet ik diep van binnen al hoe dit gaat eindigen?
Kan ik eigenlijk niet beter mijn mond houden? Wachten tot hij met een oplossing komt? Nog langer doen alsof er niets aan de hand is? Weer verder gaan op dezelfde voet? En verkruimelen tot een triest afhankelijk, tweederangs vrouwtje?
Nee.
‘Zullen we even op het strand gaan zitten?’ vraag ik.
Nog geen vijf minuten later ploffen we neer op een plekje waar geen mensen zijn. Op een heuvel, tegen een hek. Op de achtergrond dreunt de muziek. Geen muziek die je op zou zetten als je iemand de liefde verklaart.
Ik zit met opgetrokken benen tegen hem aan.
Hij heeft mij stevig vast.
Ik zie het niet verkeerd. Dit is liefde. Ik voel liefde.
Ik doe er goed aan het te zeggen.
Ik zwijg en kijk naar de normaal zo geruststellende golven die aanhoudend het strand op komen rollen, maar in mijn hoofd gaat het zo hard. Mijn gedachten schieten alle kanten op. Het brok zwelt op.
Nu?
De zon schijnt nog fel. Ik doe mijn zonnebril af en draai me een beetje om. Ik moet hem aan kunnen kijken als ik het zeg. De reactie in zijn ogen zien. Dan weet ik het. Dan weet ik hoe hij erover denkt. Dan zijn alle verdere woorden overbodig.
Nu?
Hij zet ook zijn zonnebril af. Dit is het teken. Ik heb de aanvang van het gesprek al zo vaak voorbij laten gaan.
Nu?
Doe het.
Nu.
Kom op.
Nu?
Zeg het.
Nu?
Doe het dan!
‘Vroeger kwam ik hier altijd,’ zegt de Amerikaan ineens.
Bad timing.
Nu!!!!!!!!!
‘Luister, ik moet je wat vertellen,’ zeg ik tegen hem.
Ik duw mezelf met geweld van de rand af. Nu is er geen weg meer terug.

Lees de volgende aflevering: LX ‘Hij zwijgt’

LEES MEER COLUMNS VAN ROBIN

Reageer

Reacties (1)

  1. Pauline | 19/09/11 | 18:24

    Je houdt de spanning er wel in hoor... Kan niet wachten op volgende week!

Reageer